Je bent gevallen, je pols is gebroken, en na weken in een gips lijkt alles weer te genezen. Maar dan blijft de pijn zitten.
▶Inhoudsopgave
Niet even een steek, maar een hardnekkige, vervelende klacht die maanden — soms jaren — aanhoudt. Klinkt dat bekend?
Je bent zeker niet de enige. Chronische polspijn na een geneven breuk komt vaker voor dan je denkt, en de oorzaak is lang niet altijd wat je zou verwachten. In dit artikel duiken we in de mogelijke oorzaken, wanneer je echt alarm moet slaan, en wat je eraan kunt doen. Want pijn die maanden na de breuk blijft, is geen 'normaal herstel' — het is een signaal dat er iets anders aan de hand kan zijn.
Waarom doet je pols nog pijn als de breuk al genezen is?
Een polsbreuk — meestal een distale radiusfractuur, oftewel een breuk van het spaakbeen aan de polszijde — geneest bij de meeste mensen binnen zes tot acht weken. Maar "genezen" betekent niet automatisch "weer als vanouds".
Er zijn verschillende redenen waarom de pijn blijft, en die zijn vaak verrassend. De meest voorkomende oorzaken van chronische polspijn na een breuk zijn:
- Malunion: de breuk is verkeerd aangegroeid. Het bot zit niet meer in de juiste stand, waardoor de pols een andere vorm heeft gekregen. Dit leidt tot abnormale belasting van gewrichten en weefsels.
- Pees- of ligamentbeschadiging: bij de val is mogelijk niet alleen het bot gebroken, maar ook omringend weefsel beschadigd. Dat herstelt vaak langzamer en minder voorspelbaar.
- Posttraumatische artrose: na een breuk in of nabij het gewricht kan het kraakbeen beschadigd raken, wat op termijn leidt tot slijtage.
- Complex Regional Pain Syndrome (CRPS): een zeldzame maar hevige vorm van chronische pijn die kan ontstaan na een breuk. De pols is gezwollen, warm, en extreem gevoelig.
- Nerfcompressie: zwelling of littekenweefsel kan zenuwen in de pols beknelen, wat pijn, tintelingen of een doof gevoel veroorzaakt.
Malunion: de vergeten boosdoener
Laten we het hebben over malunion, want dit is een van de meest voorkomende — en meest onderschatte — oorzaken van aanhoudende polspijn. Bij een malunion groeit het bot verkeerd aan.
Misschien zit er een klein verschil in hoek of lengte, maar dat kleine verschil heeft grote gevolgen. Stel je voor: de pols is een precieze machine. De beide onderarmbotten — het spaakbeen (radius) en de ellepijp (ulna) — moeten precies uitgelijnd zijn om soepel te bewegen.
Als het spaakbeen na de breuk bijvoorbeeld 2 millimeter te kort is geworden, of onder een verkeerde hoek is aangegroeid, dan verandert de hele biomechanica.
Hoe herken je een malunion?
Het gewricht wordt ongelijk belast, peesjes schuren over verkeerde structuren, en het resultaat is pijn bij beweging, krachtverlies, en stijfheid. Uit onderzoek blijkt dat bij tot wel 20% van de polsbreuken sprake is van een zekere mate van malunion, vooral wanneer de breuk niet chirurgisch is gecorrigeerd. Symptomen zijn vaak subtiel aanvankelijk: een vage pijn bij draaien van de pols, moeite met knijpen, of een gevoel van instabiliteit.
Maar na verloop van tijd kunnen deze klachten toenemen. De meest voorkomende tekenen zijn:
- Een zichtbare vervorming van de pols, vaak aan de rugzijde (ook wel een "zilverlepeldeformiteit" genoemd)
- Beperkte draaiing van de pols (pronatie en supinatie)
- Pijn bij belasten, bijvoorlezen bij op de handen en knieën gaan of een deur openendraaien
- Krachtverlies in de hand en pols
Een röntgenfoto of CT-scan kan met zekerheid aantonen of er sprake is van een malunion.
Als de afwijking significant is, kan een correctieosteotomie — een operatie waarbij het bot opnieuw wordt gebroken en gecorrigeerd — overwogen worden, zeker als je twee polsbreuken gehad hebt.
Posttraumatische artrose: de stille sluiper
Een andere veelvoorkomende oorzaak van chronische polspijn is posttraumatische artrose. Dit ontstaat wanneer het kraakbeen in het polsgewricht is beschadigd door de breuk zelf, of door de verkeerde belasting die daarna optreedt.
Artrose na een polsbreuk kan maanden tot jaren na het oorspronkelijke ongeval ontstaan.
Uit studies blijkt dat ongeveer 50% van de patiënten met een intra-articulaire radiusfractuur (een breuk die door het gewricht loopt) binnen vijf jaar tekenen van artrose vertoont op de röntgenfoto — ook al hebben veel van hen weinig klachten. De symptomen zijn herkenbaar: pijn bij beweging, stijfheid (vooral 's ochtends), en een gevoel van krakende of knarsende gewrichten. In gevallen van ernstige artrose kan fysiotherapie, pijnbestrijding, of in uiterste geval een operatie helpen.
CRPS: wanneer pijn uit de klop raakt
Dan is er nog een oorzaak die we niet mogen overslaan: Complex Regional Pain Syndrome, vroeger ook wel algodystrofie of Sudeck-dystrofie genoemd. Dit is een zeldzame maar ernstige aandoening waarbij het zenuwstelsel na een letsel — zoals een breuk — een overdreven pijnreactie vertoont. Bij CRPS is de pijn verdisproportioneel ten opzichte van het oorspronkelijke letsel.
De pols kan gezwollen, rood, warm, en extreem gevoelig zijn. Zelfs een lichte aanraking kan ondraaglijk pijnlijk zijn.
De huid kan veranderen van kleur, en er kan sprake zijn van transpiratieverschillen of haarverlies in het aangedane gebied. CRPS komt voor bij ongeveer 1 tot 5% van de patiënten met een polsbreuk aan je niet-dominante hand.
Vroege herkenning is cruciaal, want hoe eerder de behandeling start, hoe beter de kans op herstel. Behandeling bestaat uit fysiotherapie, pijnbestrijding, en soms psychologische ondersteuning.
Wanneer moet je naar de dokter?
Laat me duidelijk zijn: pijn die langer dan drie maanden aanhoudt na een genezen breuk is niet normaal. Het is begrijpelijk om te denken dat je gewoon moet "doorzetten", maar dat is geen goede strategie. Ga naar je huisarts of orthopedisch chirurg als je: Naast medische hulp zijn er dingen die je zelf kunt doen om de klachten te verminderen:
- Aanhoudende pijn hebt die niet verbetert na zes tot twaalf weken
- Een zichtbare vervorming van de pols opmerkt
- Krachtverlies of instabiliteit ervaart
- Zwelling, roodheid, of warmte in de pols hebt die niet verdwijnt
- Tintelingen of een doof gevoel in de hand of vingers ervaart
Wat kun je zelf doen?
- Blijf bewegen: stilzitten maakt het alleen erger. Lichte, geleide oefeningen helpen bij het behouden van bewegingskracht en functie.
- Fysiotherapie: een gespecialiseerde handtherapeut kan gerichte oefeningen aanreiken en eventuele bewegingsbeperkingen aanpakken.
- Pijnbestrijding: denk aan warmte- of koudecompressen, en overweeg een polssteun bij zware belasting.
- Luister naar je lichaam: pijn is geen vijand, maar een signaal. Negeer het niet, maar laat je er ook niet door paralyseren.
Conclusie: pijn na een breuk verdient aandacht
Chronische polspijn na een genezen breuk is geen lot dat je moet accepteren.
Of het nu gaat om een malunion, artrose, CRPS, of mogelijke TFCC-schade na een polsbreuk — er zijn altijd mogelijkheden om de situatie te verbeteren. De sleutel ligt in vroege herkenning en adequate behandeling. Dus als je pols nog steeds pijn doet maanden na de breuk: praat erover. Vraag om een röntgenfoto.
Vraag om een doorverwijzing. Je verdient het om weer zonder pijn te leven.