Bijzondere situaties handtherapie

Twee polsbreuken gehad: verhoogd risico en wat je kunt doen

Annelies de Vries Annelies de Vries
· · 6 min leestijd

Je hebt al één polsbreuk gehad. Pijnlijk, vervelend, maar je dacht: komt wel weer.

Inhoudsopgave
  1. Wat gebeurt er bij een polsbreuk?
  2. Waarom een tweede polsbreuk extra risico’s met zich meebrengt
  3. Welke soorten polsbreuken zijn er?
  4. Hoe herstel je optimaal na een tweede breuk?
  5. Wat kun je op lange termijn verwachten?
  6. Conclusie: je bent niet machteloos

En dan gebeurt het opnieuw. Een tweede breuk. En ineens voelt het alsof je pols nooit meer helemaal áltijd goed zal worden.

Goed nieuws: dat hoeft niet. Maar je moet wíeten wat er speelt — en wat je er zelf aan kunt doen. In dit artikel lees je in begrijpelijke taal wat twee polsbreuken betekenen voor je lichaam, waarom je risico op complicaties stijgt, en hoe je slim kunt herstellen. Geen medisch jargon, geen droge feiten — gewoon helder en bruikbaar.

Wat gebeurt er bij een polsbreuk?

Je pols bestaat uit acht kleine botten (de carpale botten), plus de uiteinden van de radius en ulna — de twee botten in je onderarm. Een polsbreuk betekent dat één of meer van deze botten breekt.

Vaak door een val op je hand, bij sport of een ongeluk.

De meest voorkomende breuk is een distale radiusbreuk — een breuk aan het einde van de radius, dicht bij de pols. Die alleen al vormt ongeveer 15% van alle botbreuken bij volwassenen. Maar als je er al één hebt gehad, verandert er iets in je lichaam.

De stabiliteit van je pols is aangetast. En dat maakt een tweede breuk niet alleen waarschijnlijker — het maakt herstel ook lastiger.

Waarom een tweede polsbreuk extra risico’s met zich meebrengt

Je denkt misschien: “Het is maar een breuk, toch?” Maar twee breuken in dezelfde pols? Dat is een ander verhaal. Hierom:

Je risico op een derde breuk stijgt fors

Onderzoek laat zien dat mensen die een polsbreuk hebben gehad, 30 tot 50% meer kans hebben op een nieuwe breuk — vooral in de eerste vijf jaar na het eerste letsel. Als je al twee breuken hebt, is dat risico nog hoger. Waarom? Omdat je pols vaak minder stabiel is geworden, je bewegingspatroon verandert, en je onbewust meer belasting verlegt op andere delen van je hand of pols.

Zenuwschade: tintelingen, zwakte, pijn

In je pols lopen drie belangrijke zenuwen: de nervus medianus, nervus ulnaris en nervus radialis.

Bij een breuk kunnen deze zenuwen beschadigd raken — door de breuk zelf, door zwelling, of door littekens na een operatie. Bij een tweede breuk is de kans op blijvende zenuwschade aanzienlijk groter. Een studie uit het Journal of Hand Surgery (2018) toonde aan dat 15 tot 20% van de patiënten met meerdere polsbreuken last had van aanhoudende zenuwklachten — zoals tintelingen, gevoelloosheid of zwakte in de hand.

Instabiliteit en artrose op lange termijn

Soms verdwijnen die klachten, soms blijven ze. Je pols is een complex gewricht.

Twee breuken kunnen ervoor zorgen dat de botten niet meer perfect op elkaar aansluiten.

Dat leidt tot gewrichtsinstabiliteit: je pols voelt los, pijnlijk of stijf. En dat is op zichzelf al vervelend — maar het wordt erger. Door de verkeerde belasting raakt het kraakbeen in je pols beschadigd. En dat is het begin van artrose: slijtage van het gewricht.

Artrose in de pols is pijnlijk, beperkt je beweging, en is onomkeerbaar. Bij mensen met meerdere breuken kan artrose al op jongere leeftijd optreden — soms al vijftig jaar na de eerste breuk.

Welke soorten polsbreuken zijn er?

Niet elke breuk is hetzelfde. Het type bepaalt hoe ernstig het is, en hoe je behandeld wordt.

Distale radiusbreuk (de meest voorkomende)

Vaak door een val op de hand. Soms kun je ermee door met alleen een gips.

Scaphoïdbreuk (lastig en vaak over het hoofd gezien)

Maar bij ernstige of verplaatste breuken is operatie nodig — met platen en schroeven. De scaphoïd is een klein botje aan de duimzijde van je pols. Een breuk hier wordt vaak gemist op de eerste röntgenfoto — en bij het verschil tussen een scaphoïdfractuur en distale radiusfractuur is het essentieel dat je het niet onbehandeld laat, omdat dit kan leiden tot botnecrose (afsterven van botweefsel) of chronische pijn.

Andere carpale breuken

Meestal is operatie nodig. De andere zeven kleine botten in je pols kunnen ook breken — vaak bij ernstig letsel, zoals een polsbreuk door snowboarden. Deze breuken zijn zeldzamer, maar kunnen wel leiden tot ernstige instabiliteit als ze niet goed genezen.

Hoe herstel je optimaal na een tweede breuk?

Herstel na een tweede polsbreuk vraagt meer aandacht, zeker bij aanhoudende klachten na een eerdere breuk.

1. Laat je goed begeleiden — geen zelfdiagnose

Hier zijn de belangrijkste stappen: Ga naar een orthopedisch chirurg of een gespecialiseerde handchirurg. Bij een tweede breuk is het extra belangrijk om te weten: is de eerste breuk goed genezen?

2. Volg het revalidatieprogramma — ook als het al “beter” voelt

Zijn er resterende problemen? En wat is de beste behandeling nu?

  • Stijfheid te verminderen
  • Kracht op te bouwen in hand en onderarm
  • Je bewegingsbereik te herwinnen
  • Je pols weer stabiel te maken

Fysiotherapie is geen luxe, maar een must. Een goede handtherapeut helpt je om:

3. Bescherm je pols — ook in het dagelijks leven

Veel mensen stoppen met oefenen zodra de pijn weg is. Maar juist in die fase bouw je de stabiliteit op die je nodig hebt om een derde breuk te voorkómen. Denk aan: Ja, het lijkt overdreven.

  • Polsbeschermers bij sporten als skateboarden, skiën of fitness
  • Goede schoenen om vallen te voorkomen
  • Handrails bij trappen of in de badkamer
  • Antislipmatten in keuken en badkamer

Maar als je al twee breuken hebt gehad, is preventie geen paranoia — het is verstandig. Als je pols weer pijnlijk wordt, zwaar aanvoelt, of je tintelingen krijgt in je vingers: ga naar de arts.

4. Let op signalen — en wacht niet te lang

Niet morgen, niet volgende week — nu. Vroegtijdige behandeling voorkomt vaak ernstige complicaties.

Wat kun je op lange termijn verwachten?

Goed nieuws: de meeste mensen met twee polsbreuken kunnen weer functioneren zonder grote beperkingen. Maar je moet realistisch zijn: je pols is nooit meer 100% hetzelfde als vóór de eerste breuk.

Dat betekent niet dat je moet leven met pijn of beperkingen — maar wel dat je actief moet blijven met onderhoud. Regelmatige check-ups met je arts, blijven oefenen, en bewust omgaan met risico’s: dat is de sleutel. En als je merkt dat je pols sneller moe wordt of pijnlijk bij weer of kou — geen paniek.

Dat komt vaak voor. Maar het is wel een signaal om iets aan te doen.

Conclusie: je bent niet machteloos

Twee polsbreuken? Dat is zeker geen doodvonnis voor je handgebruik.

Maar het is een duidelijk signaal van je lichaam: “Hey, let even op.” En dat is precies wat je moet doen. Met de juiste behandeling, goede revalidatie, en een beetje slimme preventie kun je je pols beschermen — en toch volop leven. Want wie al twee keer gevallen is, weet precies hoe belangrijk het is om weer overeind te komen. En dit keer: sterker dan voorheen.


Annelies de Vries
Annelies de Vries
Gecertificeerd handtherapeut en revalidatie specialist

Annelies helpt patiënten met handproblemen weer optimaal te functioneren in het dagelijks leven.

Meer over Bijzondere situaties handtherapie

Bekijk alle 20 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Polsbreuk bij kinderen: hoe verschilt de revalidatie van die bij volwassenen?
Lees verder →